
Boeren zorgen met 400 kilometer akkerranden voor meer biodiversiteit
AlgemeenREGIO - De Agrarische Natuurvereniging Oost-Groningen (ANOG) is in 2018 gestart met het project ‘Meer kennis, minder gewasbeschermingsmiddelen’ onder vlag van het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW), met als doel het verbeteren van de waterkwaliteit en vergroten van de biodiversiteit.
Inmiddels werken er binnen dit project 140 akkerbouwers in Groningen en Drenthe samen aan de doelen. ,,Een mooie mijlpaal!’’, zegt projectleider Marjon Schultinga. Deelnemers hebben akkerranden van 3 of 4 meter breed langs de sloot en doen kennis en ervaring op binnen studiegroepen met verschillende thema’s. De akkerranden worden met grassen, kruiden en bloemen ingezaaid zodat zij bijdragen aan de biodiversiteit. ,,Zo trekken ze nuttige insecten aan, die plaaginsecten zoals bladluizen in het hoofdgewas opeten. Hierdoor is er geen of minder chemische gewasbescherming meer nodig.’’ Inmiddels ligt er ruim 400 kilometer van deze akkerranden in het werkgebied van waterschap Hunze & Aa’s. Naast het thema ‘Natuurlijke plaagbeheersing’ waren ook waterkwaliteit en onkruidbeheersing thema’s waar groepen aan hebben gewerkt.
Rendement uit randen
Na vier jaren kan geconcludeerd worden dat er mooie resultaten zijn geboekt. Inventarisatie onder de deelnemers laat zien dat zij vrijwel allemaal bewuster zijn geworden met de inzet van chemische middelen. Een belangrijk deel geeft aan dat zij (veel) minder middelen zijn gaan gebruiken of de theorie nu goed kunnen toepassen in de praktijk, bijvoorbeeld omdat er kennis is opgedaan over welke insecten nuttig zijn en wat de drempelwaarde is voordat er daadwerkelijk gewasschade ontstaat. ,,Wist u bijvoorbeeld dat lieveheersbeestjes tot wel 120 bladluizen per dag eten?’’
Veldbijeenkomsten
Voor het vergaren van de kennis is onder andere samengewerkt met het Louis Bolk Instituut en Delphy. Tijdens de veldbijeenkomsten wordt kennis gedeeld over nuttige insecten, hoe het natuurlijke mechanisme precies werkt en hoe dit is toe te passen op de akkers en het bedrijf. Ter ondersteuning hiervan heeft ANOG samen met een aantal organisaties ook een app (www.ipm-toolbox.nl) om direct in het veld te kunnen gebruiken. Naast het informeren van de deelnemende akkerbouwers vinden ook bijeenkomsten met teeltadviseurs plaats. Er wordt uitgewisseld wat er speelt en hoe de sector hierop in kan springen. ,,Op deze manier reikt het project verder dan alleen de deelnemers. Een waardevolle ontwikkeling dus.’’
Ook in 2022 gaat de ANOG volop aan de slag met de deelnemers en teeltadviseurs rondom deze thema’s. Bijvoorbeeld over praktische invulling van ecologisch slootbeheer, de meerwaarde hiervan op de biodiversiteit of de inzet van groene gewasbeschermingsmiddelen: welke zijn dit en wat zijn de voordelen hiervan? Dat er de komende jaren veel zal veranderen in de landbouw is duidelijk. ,,Met onder andere dit project proberen we akkerbouwers hierbij te ondersteunen naar een natuurinclusieve landbouw. Daarom is de ambitie voor de toekomst hoog: we zetten in op een verdubbeling van het aantal kilometers randen en deelnemers. We zien dat deze aanpak zijn vruchten afwerpt en zo halen we meer rendement uit randen.’’



