
Arbeidsmarkt Drenthe koelt langzaam af
AlgemeenDRENTHE - Het aantal WW-uitkeringen in de provincie Drenthe nam in mei af, vooral als gevolg van seizoenswerk. Ook vergeleken met een jaar geleden zijn er minder WW-uitkeringen. Al een paar jaar daalt het aantal vacatures iets. De arbeidsmarkt koelt hierdoor langzaam af. Toch is de arbeidsmarkt in Drenthe in het eerste kwartaal van 2026 nog altijd krap. Veel werkgevers hebben moeite om geschikt personeel te vinden. Dit blijkt uit de Spanningsindicator van UWV.
Eind mei ontvingen bijna 5.000 inwoners van Drenthe een WW-uitkering. Dat is 1,9 procent van de Drentse beroepsbevolking. In mei nam het aantal WW-uitkeringen in Drenthe af met 4,3 procent (225 uitkeringen). De grootste afname van het aantal WW-uitkeringen kwam vanuit de uitzendbureaus. Vooral bouwvakkers ontvingen minder uitkeringen. Ook vanuit de horeca en landbouw, groenvoorziening & visserij nam het aantal uitkeringen af. In deze sectoren nemen de jaarlijks de activiteiten toe in het voorjaar en de zomermaanden. En daarmee stijgt de vraag naar personeel.
Arbeidsmarkt nog altijd krap
Na de coronacrisis steeg het aantal vacatures explosief, terwijl het aantal WW-uitkeringen historisch laag lag. Dit leidde in het tweede kwartaal van 2022 tot een piek in krapte op de arbeidsmarkt. In bijna alle beroepen waren er meer vacatures dan werkzoekenden. Sinds het hoogtepunt in 2022 koelt de arbeidsmarkt langzaam af. Alleen in het voorjaar nam de spanning elk jaar tijdelijk toe. Dit komt doordat er in de lente meer vraag is naar seizoenswerkers. In het eerste kwartaal van 2026 houdt de licht dalende trend aan. Toch is de arbeidsmarkt volgens de Spanningsindicator van UWV nog steeds krap.
Iets meer kortdurend WW’ers
Begin 2026 is het aantal openstaande vacatures in Drenthe nog altijd hoog. Tegelijkertijd zijn er in verhouding weinig kortdurend WW’ers. Dit zijn mensen die korter dan 6 maanden een WW-uitkering ontvangen. Tegenover iedere kortdurend WW’er staan nog steeds 2 keer zoveel openstaande vacatures.
UWV berekent de spanning op de arbeidsmarkt door het geschatte aantal openstaande vacatures te delen door het aantal personen dat op hetzelfde moment korter dan 6 maanden een WW-uitkering ontvangt. Deze groep laat het beste zien hoeveel mensen er direct aan het werk kunnen. Sinds 2023 komen er iets meer kortdurend WW’ers bij. Maar het gaat nog steeds om een kleine groep. Hierdoor is ook in het eerste kwartaal van 2026 de vraag naar medewerkers groter dan het aanbod van werkzoekenden. Dit maakt het invullen van vacatures voor veel werkgevers lastig.
Meeste beroepen blijven krap of zeer krap
In het eerste kwartaal van 2026 nam de spanning binnen veel beroepen iets af. Maar werkgevers merken daar vaak weinig van. De spanning op de arbeidsmarkt wordt berekend voor 93 beroepsgroepen. Landelijk is voor 87 van deze beroepsgroepen de arbeidsmarkt nog altijd krap of zeer krap. Vooral in technische beroepen en beroepen in zorg en welzijn zijn de tekorten groot. Voorbeelden hiervan zijn elektrotechnisch ingenieurs, machinemonteurs en loodgieters, gespecialiseerd verpleegkundigen, fysiotherapeuten en verzorgenden. De arbeidsmarkt is ook zeer krap voor koks, overheidsbestuurders en juristen.
Beroepen met minder grote tekorten
In sommige beroepen ligt het aantal vacatures en het aanbod werkzoekenden dichter bij elkaar. Voor een aantal beroepen is de spanning gemiddeld. Werkgevers vinden dan iets makkelijker geschikte medewerkers. Dat geldt onder andere voor secretaresses, boekhoudkundig medewerkers en hulpkrachten bouw en industrie.
Meer inzichten over de spanning op de arbeidsmarkt zijn te vinden in de UWV-publicatie Spanningsindicator: arbeidsmarkt koelt verder af.






