
Seizoenswerkers uit agrarische en groene sector tijdelijk in WW
AlgemeenDRENTHE - De WW is in de maand oktober in Drenthe toegenomen. De stijging van de WW in oktober luidt een periode in waarin seizoenswerkers hun baan verliezen en in de WW belanden. Dit geldt ook voor seizoenskrachten in de agrarisch-groene sector.
Het aantal nieuwe WW-uitkeringen nam in oktober vanuit deze sector toe. De komende maanden verliezen meer seizoenskrachten en medewerkers van kwekerijen en hoveniersbedrijven tijdelijk hun baan. Als het werk weer aantrekt keren de meesten terug in hun oude beroep. Er zijn ook arbeidskrachten die de overstap maken naar een technisch of dienstverlenend beroep.
Toename WW luidt najaarspiek WW
Eind oktober ontvingen 4.952 inwoners van Drenthe een WW-uitkering. Dat is 1,9 procent van de Drentse beroepsbevolking. In oktober nam het aantal WW-uitkeringen in Drenthe toe met 5,2 procent (246 uitkeringen). De grootste toename kwam vanuit de schoonmaak, uitzendbureaus, zorg & welzijn en overige commerciële dienstverlening. Ook vanuit de agrarisch-groene sector kwamen meer mensen in de WW terecht. In de afgelopen jaren zette de toename in de periode november tot januari door. Het is gebruikelijk dat in de wintermaanden vooral mensen met seizoenswerk hun baan verliezen en in de in de WW terechtkomen.
Meer WW-uitkeringen agrarisch-groen in winterseizoen
De hoeveelheid werk in de agrarische en groene sector wisselt per seizoen. In de zomermaanden is er relatief veel werk en daalt de WW-instroom. Van oktober tot en met januari is er minder werk en stijgt het aantal nieuwe WW-uitkeringen. In de agrarische en groene sector geldt dit vooral voor productiemedewerkers, seizoenskrachten, medewerkers bloemen- en plantenkwekerij, medewerkers groentekwekerij en medewerkers hoveniersbedrijf en groenonderhoud.
Seizoensarbeiders keren vaak terug in agrarisch en groen na WW
Van de mensen in deze beroepen vond in 2023 zo’n 70 procent direct na hun WW-uitkering weer een baan.. Ongeveer 7 op de 10 seizoensarbeiders ging weer aan de slag in de agrarisch en groene sector, vaak met een tijdelijk contract. Een minderheid stapte over naar een ander beroep.
Overstappen naar andere beroepen
Werknemers die niet meer naar de agrarisch en groene sector terugkeerden, kozen vaak voor een technisch beroep. Bijvoorbeeld als inpakker of operator in de proces- en levensmiddelenindustrie. Anderen vonden een baan als magazijnmedewerker, chauffeur of orderpicker. Ook gingen er mensen aan de slag in een dienstverlenend beroep, zoals in de schoonmaak of horeca. De beste baankansen hebben seizoensarbeiders die willen werken als operator in de proces- en levensmiddelenindustrie. Voor dit beroep is er relatief weinig concurrentie onder werkzoekenden. Wel is er voor dit beroep een specifieke opleiding nodig. Daarom zal de overstap niet voor iedereen haalbaar zijn.
Creatieve oplossing: combinatiebaan
Er zijn ook werknemers in de agrarisch en groene sector die tijdens de winterperiode een andere baan hebben. Met zo’n combinatiebaan hoeven zij geen beroep op de WW te doen. Werknemers met combinatiebanen hebben soms een arbeidsovereenkomst met twee werkgevers tegelijk. Het komt ook voor dat zij door hun werkgever bij een andere werkgever worden gedetacheerd. Werkgevers kunnen op deze manier goede medewerkers beter behouden. Bij detachering is het belangrijk om goede afspraken te maken, omdat cao’s van bedrijven kunnen verschillen.
Vergelijkbaar beeld WW in Friesland en Groningen
In oktober nam de WW toe in alle drie noordelijke provincies. Ook ten opzichte van vorig jaar is er overal in het Noorden sprake van een stijging van het aantal WW-uitkeringen. UWV verstrekte eind oktober in de provincie Groningen 6.026 WW-uitkeringen; 3,8 procent meer dan vorige maand. In Groningen was het aantal WW-uitkeringen eind oktober 13,9 procent hoger dan vorig jaar. Het aantal WW-uitkeringen in Friesland nam in oktober toe met 5,0 procent tot 6.460. Ten opzichte van vorig jaar is er in de provincie Friesland sprake van een stijging van 16,4 procent.







